Terug naar blogZorgverzekering

WMO, WLZ en thuisverpleging: het verschil

Het verschil tussen WMO, WLZ en de Zorgverzekeringswet bij thuisverpleging. Welke wet is van toepassing en wat betekent dat voor uw zorg en vergoeding?

Thuisverpleging in de Buurt
30 juli 2025
10 min leestijd

Het Nederlandse zorgstelsel in vogelvlucht

Het Nederlandse zorgstelsel kent drie wetten die relevant zijn voor thuiszorg en thuisverpleging: de Zorgverzekeringswet (Zvw), de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en de Wet langdurige zorg (Wlz). Voor veel mensen is het onderscheid tussen deze wetten onduidelijk, terwijl het grote gevolgen heeft voor de zorg die u ontvangt en de kosten die u betaalt.

In dit artikel leggen we het verschil helder uit, zodat u weet welke wet op uw situatie van toepassing is en waar u terecht kunt voor de juiste ondersteuning.

De Zorgverzekeringswet (Zvw)

Verpleging en verzorging aan huis vallen onder de Zvw en worden vergoed vanuit de basisverzekering. Het gaat hierbij om verpleegkundige handelingen zoals wondverzorging, het toedienen van injecties, het aanleggen van verbanden en het ondersteunen bij persoonlijke verzorging in combinatie met een verpleegkundige behoefte. De indicatiestelling wordt gedaan door de wijkverpleegkundige.

Belangrijk: voor wijkverpleging vanuit de Zvw geldt geen eigen risico en geen eigen bijdrage. U heeft geen verwijzing van de huisarts nodig; u kunt rechtstreeks contact opnemen met een thuiszorgorganisatie die een contract heeft met uw zorgverzekeraar. De zorg wordt geleverd in natura (de zorgverzekeraar betaalt de zorgorganisatie) of via een persoonsgebonden budget (pgb).

De Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)

De Wmo is bedoeld voor mensen die ondersteuning nodig hebben bij het zelfstandig functioneren en participeren in de samenleving. Onder de Wmo vallen voorzieningen zoals huishoudelijke hulp, begeleiding (individueel of in groepsverband), dagbesteding, hulpmiddelen, woningaanpassingen en vervoersvoorzieningen.

De Wmo wordt uitgevoerd door uw gemeente. Om in aanmerking te komen voor een Wmo-voorziening, vraagt u een melding aan bij het Wmo-loket van uw gemeente. Een consulent komt bij u op huisbezoek voor een zogenaamd keukentafelgesprek, waarbij uw ondersteuningsbehoefte in kaart wordt gebracht. Voor Wmo-voorzieningen geldt in 2025 een maximale eigen bijdrage van 20,60 euro per maand (abonnementstarief).

De Wet langdurige zorg (Wlz)

De Wlz is bedoeld voor mensen die blijvend 24 uur per dag zorg in de nabijheid of permanent toezicht nodig hebben. Denk aan mensen met gevorderde dementie, ernstige verstandelijke of lichamelijke beperkingen of een combinatie hiervan. De indicatie voor Wlz-zorg wordt afgegeven door het CIZ (Centrum Indicatiestelling Zorg).

Met een Wlz-indicatie kunt u kiezen voor verblijf in een zorginstelling of voor zorg thuis via een Volledig Pakket Thuis (VPT), een Modulair Pakket Thuis (MPT) of een persoonsgebonden budget (pgb). Bij Wlz-zorg geldt een inkomensafhankelijke eigen bijdrage die wordt berekend en geïnd door het CAK.

Welke wet is op u van toepassing?

Als vuistregel geldt: als u verpleegkundige zorg nodig heeft die niet permanent is, valt dit onder de Zvw (wijkverpleging). Heeft u ondersteuning nodig bij het huishouden, begeleiding of dagbesteding, dan is de Wmo het juiste loket. Heeft u blijvend intensieve zorg nodig met permanent toezicht, dan komt u mogelijk in aanmerking voor de Wlz. In de praktijk maken veel mensen gebruik van een combinatie van deze wetten.